In Vlaanderen hangt de verplichte frequentie voor het onderhoud van uw centrale stooktoestel af van de brandstofsoort en het vermogen van de installatie.
Wettelijke termijnen per brandstoftype
-
- Gastoestellen (aardgas, butaan, propaan): Elke 2 jaar. Deze verplichting geldt voor centrale verwarmingsketels met een vermogen vanaf 20 kilowatt (kW).
- Stookolietoestellen (mazout): Elk jaar. Net als bij gas geldt dit voor centrale stooktoestellen met een vermogen vanaf 20 kW.
- Vaste brandstoffen (hout, pellets, steenkool, biomassaketels): Elk jaar. Voor toestellen op vaste brandstof geldt deze jaarlijkse verplichting ongeacht het vermogen. [1, 2, 4]
Belangrijke uitzonderingen en aanvullende momenten
-
- Toestellen onder de 20 kW: Voor centrale gastoestellen of stookolieketels met een vermogen kleiner dan 20 kW is het periodieke onderhoud wettelijk niet verplicht, al wordt het om veiligheidsredenen wel sterk aangeraden.
- Vóór de allereerste ingebruikname: Elke nieuwe of ingrijpend gewijzigde centrale verwarmingsinstallatie moet verplicht eenmalig worden gekeurd voordat u deze voor het eerst opstart.
- Afzonderlijke toestellen: De wettelijke verplichting is enkel van toepassing op centrale verwarmingssystemen. Losse, individuele toestellen die niet op de centrale verwarming zijn aangesloten (zoals een losse gaskachel, open haard of elektrische radiator) vallen buiten deze strikte tijdslijnen. [1, 2, 3, 4, 5, 6]
Sinds januari 2023 is de erkende technicus bovendien verplicht om elk uitgevoerd onderhoud binnen de maand digitaal te registreren bij het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA). [1]
